scroll omlaag

Planten hebben een indrukwekkend aanpassingsvermogen, maar de snel veranderende omgeving als gevolg van de klimaatverandering en het verlies van biodiversiteit zorgt voor uitdagende omstandigheden, zelfs voor de sterkste planten. Daar komt bij dat het aanpassingsvermogen van planten afhankelijk is van voortplanting met voldoende genetische variatie. Want planten hebben biodiversiteit nodig om zichzelf te verbeteren. Dr. Chris Kik beschermt deze biodiversiteit door zaden van unieke genetische variaties van plantensoorten over de hele wereld te verzamelen. 

 

hebben we de belangrijkste oplossing voor het biodiversiteitsprobleem zelf in de hand

“Verlies van biodiversiteit is een onomkeerbaar proces. Als het weg is, is het voorgoed weg.”


Een gesprek met dr. Chris Kik, hoofdcurator van het Centrum voor Genetische Bronnen

Dr. Chris Kik is een van de experts in Nederland op het gebied van het behoud en gebruik van gewassen en hun wilde verwanten. Hij doet onderzoek naar de genetische variatie in groentegewassen en hun wilde verwanten en doet verzamelexpedities om monsters te nemen van de unieke genetische varianten van deze soorten in de natuur. Hij is naar allerlei plekken over de hele wereld gereisd (bijv. landen in Centraal-Azië, de Trans-Kaukasus en rond het Middellandse Zeegebied) om te zien hoe verschillende gewassen en hun wilde verwanten groeien in hun centrum van biodiversiteit.

 

Planten hebben biodiversiteit nodig:

Hoe genetische variatie planten sterker maakt.

Toch hebben we de belangrijkste oplossing voor het biodiversiteitsprobleem zelf in de hand. We moeten onze denkwijze aanpassen, want wij, de mens, zijn de belangrijkste oorzaak van de huidige biodiversiteitscrisis. “Het komt hierop neer: ecologie zou een veel prominentere rol moeten spelen in het huidige debat over klimaatverandering en biodiversiteit. Het gaat niet alleen om het politiek-economische aspect, ecologie is net zo belangrijk. De bureaucratie speelt hierin een belangrijke – negatieve – rol.” 

 

Het zijn niet slechts een paar soorten die bedreigd worden, het gaat om hele groepen, vervolgt dr. Chris Kik. De groepen waar we ons de meeste zorgen over moeten maken, zijn de groepen die alleen in specifieke habitats groeien, zoals blauwgras in Nederland. Maar in feite geldt dat voor de meeste soorten, aangezien hun habitats kleiner en kleiner worden. Er zijn talloze bedreigingen en redenen om bezorgd te zijn over onze biodiversiteit, maar gelukkig voelt de minister van Landbouw de urgentie ook: “Ze zijn zich bewust van het gevaar dat op ons afkomt als gevolg van de biodiversiteitscrisis en steunen het CGN met een behoorlijk bedrag. ‘Eindelijk’, zou ik zeggen, want het duurde even voor ze inzagen hoe groot het probleem eigenlijk is.” 

Dr. Chris Kik hangt er een beetje tussenin: “Er is uiteraard iets te zeggen voor de ‘tovenaar’. Maar er kleven heel wat nadelen aan zijn benadering en we moeten ervoor waken dat we technologie niet als dé oplossing gaan zien.” Hij beschrijft de middenweg tussen de visie van de tovenaar en de profeet als een ‘evenwichtsoefening’.

Over het belang van deze expedities zegt hij het volgende: “We weten nog niet goed hoe divers onze natuur precies is. Vooral als het gaat om wilde, ‘kruisbare’ verwanten van onze gewassen die nog niet zijn verzameld. Die kunnen heel waardevol zijn voor het ontwikkelen van betere (planten)rassen en/of voor gebruik in innovatief onderzoek. Als we er niet in slagen een substantiële hoeveelheid van de biodiversiteit van een soort te verzamelen, kunnen we gezien de huidige trends aannemen dat we die gaan verliezen.”


We kunnen dus wel stellen dat het uitgebreide werk van dr. Chris Kik bijdraagt aan de genetica, veredeling en ecologie van planten. Dat is heel belangrijk, want biodiversiteit is een onderwerp dat veel mensen zorgen baart. In Chris’ woorden: 

Dr. Chris Kik vertelt over die keer dat hij onderzoek deed naar spinazie en zijn wilde verwanten, omdat veredelaars er niet in slaagden spinazie te creëren die resistent was tegen de valse meeldauw die wordt veroorzaakt door Peronospora farinosa vanwege een gebrek aan resistentiegenen. “Het CGN werd gevraagd om wilde spinazie te verzamelen in gebieden waar nog wilde verwanten van spinazie groeiden, zoals Centraal-Azië en de Trans-Kaukasus. Tijdens deze expedities werden meer dan honderd zaadmonsters verzameld. Dankzij deze diversiteit konden veredelingsbedrijven nieuwe spinazierassen ontwikkelen. Met andere woorden: de spinazie die tegenwoordig op je bord ligt, bevat genen die ik eerder heb verzameld.” 


Hij vervolgt: “De wilde verwanten van spinazie die ik heb verzameld, zijn tegenwoordig bedreigde soorten vanwege overbegrazing door schapen en geiten in de habitats waar wilde spinazie voorkomt. Maar dat geldt niet alleen voor spinazie. De meeste wilde verwanten van gewassen staan onder druk. Als we niets doen, gaat dat gevolgen hebben voor onze voedselvoorziening.” 

 

Sommige plantengroepen zijn kwetsbaarder dan andere

Technologie is geen magische oplossing

De diversiteit van de natuur

 

Weerstand tegen ziekte in spinazie

Dat klinkt zorgelijk, en dat is het ook. Maar gelukkig kunnen we meer doen om het verlies van biodiversiteit en de problemen voor de voedselvoorziening die daaruit voortvloeien op te lossen. Maar dat gaat verder dan wetenschap alleen, volgens dr. Chris Kik. Hij verwijst naar het boek ‘De Tovenaar en de Profeet’ van de Amerikaanse journalist Charles C. Mann. In dit boek belicht Mann het conflict tussen twee verschillende gedachten: de ene (‘de tovenaar’; Norman Borlaug) stelt dat het probleem kan worden opgelost door de wetenschap, en de andere (‘de profeet’; William Vogt) stelt dat we ons eigen gedrag moeten aanpassen om dit op te lossen, oftewel: minder consumeren.

Wat we zelf kunnen doen

Dr. Chris Kik hangt er een beetje tussenin: “Er is uiteraard iets te zeggen voor de ‘tovenaar’. Maar er kleven heel wat nadelen aan zijn benadering en we moeten ervoor waken dat we technologie niet als dé oplossing gaan zien.” Hij beschrijft de middenweg tussen de visie van de tovenaar en de profeet als een ‘evenwichtsoefening’.

Technologie is geen magische oplossing

Dat klinkt zorgelijk, en dat is het ook. Maar gelukkig kunnen we meer doen om het verlies van biodiversiteit en de problemen voor de voedselvoorziening die daaruit voortvloeien op te lossen. Maar dat gaat verder dan wetenschap alleen, volgens dr. Chris Kik. Hij verwijst naar het boek ‘De Tovenaar en de Profeet’ van de Amerikaanse journalist Charles C. Mann. In dit boek belicht Mann het conflict tussen twee verschillende gedachten: de ene (‘de tovenaar’; Norman Borlaug) stelt dat het probleem kan worden opgelost door de wetenschap, en de andere (‘de profeet’; William Vogt) stelt dat we ons eigen gedrag moeten aanpassen om dit op te lossen, oftewel: minder consumeren.

Wat we zelf kunnen doen

Toch hebben we de belangrijkste oplossing voor het biodiversiteitsprobleem zelf in de hand. We moeten onze denkwijze aanpassen, want wij, de mens, zijn de belangrijkste oorzaak van de huidige biodiversiteitscrisis. “Het komt hierop neer: ecologie zou een veel prominentere rol moeten spelen in het huidige debat over klimaatverandering en biodiversiteit. Het gaat niet alleen om het politiek-economische aspect, ecologie is net zo belangrijk. De bureaucratie speelt hierin een belangrijke – negatieve – rol.” 

 

Het zijn niet slechts een paar soorten die bedreigd worden, het gaat om hele groepen, vervolgt dr. Chris Kik. De groepen waar we ons de meeste zorgen over moeten maken, zijn de groepen die alleen in specifieke habitats groeien, zoals blauwgras in Nederland. Maar in feite geldt dat voor de meeste soorten, aangezien hun habitats kleiner en kleiner worden. Er zijn talloze bedreigingen en redenen om bezorgd te zijn over onze biodiversiteit, maar gelukkig voelt de minister van Landbouw de urgentie ook: “Ze zijn zich bewust van het gevaar dat op ons afkomt als gevolg van de biodiversiteitscrisis en steunen het CGN met een behoorlijk bedrag. ‘Eindelijk’, zou ik zeggen, want het duurde even voor ze inzagen hoe groot het probleem eigenlijk is.” 

Sommige planten-groepen zijn kwetsbaarder dan andere

Dr. Chris Kik vertelt over die keer dat hij onderzoek deed naar spinazie en zijn wilde verwanten, omdat veredelaars er niet in slaagden spinazie te creëren die resistent was tegen de valse meeldauw die wordt veroorzaakt door Peronospora farinosa vanwege een gebrek aan resistentiegenen. “Het CGN werd gevraagd om wilde spinazie te verzamelen in gebieden waar nog wilde verwanten van spinazie groeiden, zoals Centraal-Azië en de Trans-Kaukasus. Tijdens deze expedities werden meer dan honderd zaadmonsters verzameld. Dankzij deze diversiteit konden veredelingsbedrijven nieuwe spinazierassen ontwikkelen. Met andere woorden: de spinazie die tegenwoordig op je bord ligt, bevat genen die ik eerder heb verzameld.” 


Hij vervolgt: “De wilde verwanten van spinazie die ik heb verzameld, zijn tegenwoordig bedreigde soorten vanwege overbegrazing door schapen en geiten in de habitats waar wilde spinazie voorkomt. Maar dat geldt niet alleen voor spinazie. De meeste wilde verwanten van gewassen staan onder druk. Als we niets doen, gaat dat gevolgen hebben voor onze voedselvoorziening.” 

 

Weerstand tegen ziekte in spinazie

Over het belang van deze expedities zegt hij het volgende: “We weten nog niet goed hoe divers onze natuur precies is. Vooral als het gaat om wilde, ‘kruisbare’ verwanten van onze gewassen die nog niet zijn verzameld. Die kunnen heel waardevol zijn voor het ontwikkelen van betere (planten)rassen en/of voor gebruik in innovatief onderzoek. Als we er niet in slagen een substantiële hoeveelheid van de biodiversiteit van een soort te verzamelen, kunnen we gezien de huidige trends aannemen dat we die gaan verliezen.”


We kunnen dus wel stellen dat het uitgebreide werk van dr. Chris Kik bijdraagt aan de genetica, veredeling en ecologie van planten. Dat is heel belangrijk, want biodiversiteit is een onderwerp dat veel mensen zorgen baart. In Chris’ woorden: 

De diversiteit van de natuur

 

Dr. Chris Kik is een van de experts in Nederland op het gebied van het behoud en gebruik van gewassen en hun wilde verwanten. Hij doet onderzoek naar de genetische variatie in groentegewassen en hun wilde verwanten en doet verzamelexpedities om monsters te nemen van de unieke genetische varianten van deze soorten in de natuur. Hij is naar allerlei plekken over de hele wereld gereisd (bijv. landen in Centraal-Azië, de Trans-Kaukasus en rond het Middellandse Zeegebied) om te zien hoe verschillende gewassen en hun wilde verwanten groeien in hun centrum van biodiversiteit.

 

Een gesprek met dr. Chris Kik, hoofdcurator van het Centrum voor Genetische Bronnen

Planten hebben een indrukwekkend aanpassingsvermogen, maar de snel veranderende omgeving als gevolg van de klimaatverandering en het verlies van biodiversiteit zorgt voor uitdagende omstandigheden, zelfs voor de sterkste planten. Daar komt bij dat het aanpassingsvermogen van planten afhankelijk is van voortplanting met voldoende genetische variatie. Want planten hebben biodiversiteit nodig om zichzelf te verbeteren. Dr. Chris Kik beschermt deze biodiversiteit door zaden van unieke genetische variaties van plantensoorten over de hele wereld te verzamelen. 

 

Hoe genetische variatie planten sterker maakt.

Planten hebben biodiversiteit nodig: